woensdag 2 maart 2011
Nog negentien dagen winter
Mijn gezicht half in mijn sjaal, mijn neus wijst naar de zon. Mijn ogen zijn dicht en ik denk alleen maar aan mijn sjaal, mijn neus-in-de-zon, de zon en mijn dichte ogen. Mijn billen op het koude bankje, maar mijn in zwarte jeans gehulde bovenbenen laten zich langzaam opwarmen. Het gekletter van de fontein veroorzaakt een aangename ruis. Mijn hoofd bonkt en ik denk aan de aspirines die ik bij me draag en het water dat ik vergeten ben mee te nemen. Ik heb zin in koffie. Bewegen wil ik eigenlijk niet; bang dat wanneer ik van positie wissel, de zon zijn kracht verliest. De wind blaast een baard in mijn gezicht. Mijn neus – nog steeds prominent in de lucht gestoken – snuift wat in het rond; lente? Tevergeefs. De lente laat nog op zich wachten, maar winter smaakt ook best goed.
Abonneren op:
Posts (Atom)